We hadden meer verdiend

Ronde 3, thuis tegen Bennekom. Een team met twee 2200-spelers, dat meedoet voor de promotie.

Een kijkje achter (of eigenlijk: op) de schermen:

Op 25 oktober appte teamleider Ron: “Het kan verkeren; vorige wedstrijd misten we er 5, nu hebben we er vooralsnog 2 teveel. Ik wil wel non-playing captain zijn, is er nog iemand die reserve wil zijn?” Oftewel, spelers genoeg. Tsji reageerde grootmoedig: “Ik wil wel reserve zijn!“. Dus acht man zouden het varkentje wassen, terwijl Ron en Tsji het biljart onveilig zouden maken.

Woensdag 3 november, drie dagen voor de wedstrijd. Weer een appje van Ron: “Zaterdag neemt Tsji de plaats van Thomas in, ik ga solo-biljarten“. Nog steeds geen man overboord.

Twee dagen later. Vrijdag 5 november (1 dag voor de wedstrijd) appt Ron: “Ook ik ga niet biljarten… het 1e heeft toch nog iemand van ons nodig. Wie wil morgen met het 1e meedoen?” Robbie wilde dat wel doen, en 20 minuten later: “Geregeld. Robbie speelt met het 1e mee, ik neem zijn plaats in op bord 7. Er verandert verder niets, behalve dat we een stuk zwakker worden 🙃

Zo gaat dat dus.

Tsji (bord 3) speelde tegen de sterke Hotze Tette Hofstra. Hij reageerde wat frivool in de opening en kwam al snel minder te staan. Toch was zijn tegenstander verbaasd toen Tsji zijn hand uitstak. Hotze zei nog: “Ik heb geen remise aangeboden hoor“, maar Tsji reageerde ad rem: “Nee, ik geef op“.

Of, zoals Tsji het verwoordt: “Ik mocht tegen Hotze Hofstra met zwart. Een sterkere speler dan Ed de Beule. Ed herinnert zich een korte partij tegen mij. Hij won in 18 zetten. Hotze is inderdaad sterker. Ik verloor in 11 zetten. Ik stak mijn hand uit. Hij schudde mijn hand pas na mijn toelichting: ik geef op.”

0-1.

Dennis (bord 4) had weer eens last van zijn drawitis. Nadat de opening niet was verlopen zoals ik wilde, wist ik dat ik een tikje minder stond. Omdat het nog vroeg in de wedstrijd was, dacht ik dat een remise niet veel zo uitmaken. Na mijn remiseaanbod gaf Tsji op (geen causaliteit), waarna mijn tegenstander besloot het bod aan te nemen, ook al stond Hans inmiddels zo goed dat het hij waarschijnlijk zou gaan winnen.

½-1½.

Hans (bord 8) had een mooi pionoffer gespeeld, waarna de koning van de tegenstander op pad moest. Hans weigerde in eerste instantie verdere hulptroepen erbij te halen (en misschien hoefde dat ook niet), maar eigenlijk was er nooit enige twijfel over de uitslag. Een mooie partij.

1½-1½.

Ruud S (bord 1) zat een zware pijp te roken tegen de sterke Rembrandt Bruil. Hij hield het lang vol. Hij had een verdediging bedacht waarvan hij dacht dat dat wel zou moeten houden, maar op dat moment had Rembrandt het punt al geteld. En terecht, zo bleek zetten later.

1½-2½.

De bruingebronsde Ruud P (bord 5), net terug van vier maanden fietsen (4000 km!) stond al een tijdje heel goed. Twee pionnen voor en een gevaarlijke vrijpion. Maar hij zat wat minder in zijn tijd, en zijn tegenstander bouwde allerlei trucs in de stelling. Ruud ontweek ze keurig en tikte het punt binnen.

In zijn eigen woorden: “Na een aantal maanden niet geschaakt te hebben was het prettig dat ik mijn geliefde Spaans kon spelen. Mijn tegenstander speelde het Jaenisch (3 — f5) een beetje passief, waardoor ik mooi stukkenspel kreeg. Onder alle druk zag mijn tegenstander een trucje over het hoofd waardoor een ik pion won. Hij koos ervoor meer pionnen op te offeren voor een tegenaanval, maar die leverde niets op en toen ik een pion op de zevende rij kreeg, gaf hij op. Voor mij een lekker potje om er weer in te komen.”

2½-2½.

Een rondje langs de borden leerde me dat het wel eens de goede kant op kon vallen. Bij Diderick was het een chaos, maar ik had het idee dat hij dat wel zou gaan winnen. Ron stond iets minder, maar remise lag binnen de marge. En Wouters tegenstander had zichzelf gefopt waardoor hij een stuk was kwijtgeraakt, maar helaas bleek daar compensatie voor te zijn. Maar dit moest toch minstens remise zijn. Dus ik voorspelde hier (of hoopte op) een 4½-3½ overwinning.

Diderick (bord 2) had een prachtige partij. Het bord stond in brand. Iets dat hij wel leuk vindt, maar zijn sympathieke tegenstander ook. Er stond lange tijd een volle toren in, die Diderick steeds maar niet sloeg. Toen hij dat uiteindelijk wel deed was het klaar. Overigens, het record voor een aangevallen toren die niet geslagen werd (door een pion, nota bene) is 17 zetten! Zie https://timkr.home.xs4all.nl/records/records.htm, “longest en prise”.



3½-2½.

Ron (bord 7) verdedigde zich goed tegen een sterkere tegenstander, en ik had lange tijd hoop op remise. Maar de zwaktes op zijn koningsstelling waren lastig te verdedigen. Toen hij enthousiast met zijn koning op stap ging naar f5 was ik bang dat hij daar zou gaan sneuvelen, en die angst werd helaas bewaarheid.



3½-3½.

Alleen Wouter (bord 5) was nog bezig. Wouter stond een stuk tegen twee pionnen voor, maar dat stuk kon niet bewegen. Dus ja, sta je dan een stuk voor, of twee pionnen achter? Hij moest lijdzaam toezien hoe zijn tegenstander de stelling kon verbeteren, terwijl Wouter alleen maar heen en weer kon spelen met zijn dame. In het allerlaatste speeluur besloot Wouter het stuk terug te geven om een gevaarlijke vrijpion onschadelijk te maken. Er resulteerde een dame-eindspel met een pion minder. Maar Wouter had gemist dat er nog een pion af ging, en nu was de opgave wel heel zwaar. Ik denk dat het niet te redden was, maar Wouter verkortte zijn lijden door mat in twee toe te laten.

3½-4½. We waren er dichtbij!

Achteraf zie ik dat alle witspelers hebben gewonnen, op 1 na… Wat nou als ik geen remise had gespeeld? 🤔

Share

2 reacties

Geef een antwoord