UVS 3 KNSB: met 4 invallers toch nog winst tegen Rivierenland 1

We konden geen kampioen meer worden, maar ook niet meer degraderen. Een overwinning zou betekenen, dat we een stevige middenmoter zouden worden. En dat lukte ook nog eens ondanks 4 invallers. Tijdens de wedstrijd was ik niet bezig met een teamverslag, want mijn eigen partij was te moeilijk: ik moest remise zien te redden en dat lukte (zie mijn partijverslag). Van de andere partijen weet ik dus praktisch niets. Toevallig stond ik precies op tijd bij het bord van Christ Verstegen, toen hij met Dg8+ een stikmatje op het bord bracht. Altijd leuk zo’n stikmatje! Je kunt het bekijken in zijn partijverslag. Verder was ik ervan getuige hoe Bram Knoop een spannend eindspel nauwkeurig tot winst wist te voeren: aan beide zijden dreigden 2 pionnen te promoveren. Ook zijn partij kan nagespeeld worden. Het bijzondere van deze partij was overigens, dat het ging om het laatste nog spelende bord. Zijn partij zou uitmaken of we zouden winnen, verliezen of gelijkspelen. Ik vermeldde hierboven alleen partijen met positieve resultaten: dat is toeval. Ook spelers van niet genoemde partijen en van hen die verloren hadden, hebben natuurlijk hard gevochten! Gelukkig was Sjoerd Jansen bereid om zijn interessante heroïsche strijd te beschrijven. De partij liep helaas (in tijdnood) op verlies uit. Ik wens de lezer verder veel plezier toe bij het naspelen van de 4 genoemde partijen, waarbij de spelers zelf hun commentaar verzorgen.

Bord 2 Klaus Wüstefeld(Wit) – Arian van Weerden (Zwart)
Mijn tegenstander Arian bood op de 13de zet al (!) remise aan, terwijl er nauwelijks een half uur gespeeld was. Het stond ongeveer gelijk en hij had nog wel kunnen vechten voor de overwinning. Het riep de verdenking op, dat hij een zwakke invaller was, die zo snel mogelijk dat halve puntje wilde binnenhalen, voordat ik begreep, hoe zwak hij was. Achteraf zei Arian: “Ik win opvallend vaak van hogere ratings aan hoge borden, mijn lage rating betekent niets”. Dus hij kon er blijkbaar wel wat van, wat ook bleek, want nadat ik zijn remiseaanbod had afgewezen, verraste hij mij met een aanval, die mij bijna fataal werd. Gelukkig vond ik de enig juiste verdediging. Hij nam even later mijn remiseaanbod aan. Hij legde achteraf wel uit, dat hij bij de 13de zet remise aanbood, omdat hij dacht, dat er een voor hem fatale aanval op f7 zat aan te komen.



Bord 4 Christ Verstegen (Wit)– Rudy Veenhoff (Zwart)


Bord 5 Bram Knoop (Zwart) – Mikel Kroon (Wit)
Wit opende de partij met de Ponziani, waarin ik in een vorige partij met zwart mijn dame na 10 zetten kwijtraakte. Hierdoor speelde ik de opening erg defensief en had hij op zet 10 al een mooie aanval ontwikkeld. Over het bord leek 10. Pg5 erg intimiderend, maar gelukkig red 10. … O-O-O mijn positie. Als hij namelijk besluit om met 11. Pxf7 mijn torens te vorken, heeft zijn koningin na 11. … Pxd4 geen veilige vakjes meer over. Om dit te vermijden speelde hij een defensieve zet, waarna het momentum bij mij lag. We ruilden 2 paar lichte stukken en koninginnen af, en nadat het puin geruimd was, rond zet 17, was de positie vrijwel gelijk, maar had ik een loper voor zijn paard en had hij een geïsoleerde d-pion. Het duurde even voordat ik mijn stukken gecoördineerd genoeg had om de d-pion te winnen, maar toen wisselden we gelijk alles af, behalve een toren. Met één pion meer was het nog moeilijk om een winnende positie te krijgen. Uiteindelijk won mijn tegenstander zijn pion terug, en hadden we allebei twee verbonden pionnen. Gelukkig waren mijn pionnen net wat sneller dan die van hem en gaf hij op voordat ik kon promoveren.


Bord 8 Sjoerd Jansen (Wit) – Joost van Egmond (Zwart)


Share

Geef een antwoord