UVS-SOS 2 houdt P.I.O.N. tegen

‘Met zo’n overvloed aan kwaliteit in je team hoef je voor die Groesbekers niet bang te zijn.’ Aldus Maarten van Rooij, als reactie op ons vorige verslag. Nu ziet u daar misschien een bemoediging in, maar bij mij begint het te kriebelen. Van dat soort zinnen krijg ik visioenen: ik zie mezelf al in de toekomst, de woorden ironisch in m’n oren echoënd na een pijnlijke nederlaag. Ongeluk brengen door ergens op te wijzen, jinxing it, noemen ze dat in het Engels.

Maar die ironische echo kwam niet, kan ik u vertellen, althans: voorlopig nog niet. PION – UVS 3-5. Het was wel strijden voor de punten: het ratingverschil was verwaarloosbaar en dat was op de borden te merken.

De locatie, De Mallemolen in Groesbeek, was keurig op orde, al stonden er nu weer 2, dan 3 borden op tafel. Gelukkig was de wedstrijdleider niet te beroerd om de borden één voor één aan te wijzen. Ze hadden bij de Mallemolen prima bier, zo heb ik gehoord – ik was helaas m’n portemonnee vergeten.

De partijen presenteer ik u in bordvolgorde. Ik zou wel voor de chronologische volgorde willen kiezen maar schrijver dezes weet maar 50 procent van de partijen op de juiste plek in de tijdlijn te plaatsen.

Goed, bord 1. In ieder geval was mijn partij minder rampzalig dan de vorige qua uitslag:

Bord 2. Simon werd aan de zwarte zijde van een Schots Gambiet al snel in de verdediging gedrukt. Daar zegt hij het volgende over:

‘Ik had mezelf opgeofferd aan bord 2 met zwart (noem het een tactische opstelling) en trof de hoogst gerate Groesbeker tegenover me. Hij deed in de opening een Schotse gambietpion in de aanbieding (aye!) en die nam ik gretig aan. Het gevolg was een grote ontwikkelingsvoorsprong voor wit, maar blijkbaar speelde ik alles volgens de theorie, zo gaf mijn tegenstander achteraf aan.
Op zet 9 kwam ik voor een moeilijke keuze te staan: bracht ik mijn loper naar e6, of juist de andere naar e7? Ik koos voor 9…Le7 en dat was een fout. De witte stukken kwamen dreigend naar voren en toen ik eindelijk door een lange rokade mijn koning uit het centrum had gekregen, had wit al zo veel spel dat hij een stuk won.
Mijn compensatie, dat ene gambietpionnetje op d4, stelde niet veel voor – nog veel minder toen de dames er gedwongen af gingen. Tegen beter weten in speelde ik door want om half tien opgeven is ook zoiets, en warempel: mijn tegenstander maakte het zichzelf nog onnodig knap lastig. In echte moeilijkheden is hij daarentegen nooit geweest, want zijn paard extra was overal op tijd bij en toen de witte koning uit de hoek kwam en zich naar mijn vrijpion manoeuvreerde, was het over en uit.
Voor de wedstrijd maakte dit verlies niets meer uit: ik was als laatste klaar en de matchpunten waren toen allang veilig. Is mijn kamikaze-act toch niet voor niets geweest.’

Bord 3. Marcel V speelde een Siciliaans Vleugelgambiet – hij kreeg de koning even in het centrum, maar zijn opponent wist vervolgens toch de koning in veiligheid te brengen. Maar Marcel gaf niet op en sleepte de remise uit het vuur.

Op bord 4 werd een degelijke Caro-Kann van Marcel K beloond met het volle punt:

Bord 5. Bert-Jan opende zoals het hoort met e4- ik dacht dat het een Pirc was, maar uit de PGN blijkt dat het een Modern was. Hij speelde prima maar dolf toch het onderspit.

Bord 6 speelde Frans van den Hooven met zwart – het begon als een Slavisch met een vroege zet a4, werd toen een Semislaaf, en de rest volgde ik half.
Ik herinner me nog dat ik langs bord 6 liep toen de opponent het tactische schot Lxg7 produceerde. Ik wilde daar een heel uitgebreid verhaal over in het verslag zetten – blijkt dat het schot niet eens werkt.

Bord 7 speelde Ruud een prima pot in het Gesloten Spel – dat je dan een halfje pakt in plaats van de volle 1 is geen schande. Hij zegt daar het volgende over:

‘Ik speelde aan bord 7 met wit een klassieke variant van het damegambiet waarin ik steeds wat beter stond. Achteraf bleek ik enkele goede kansen om materieel voordeel te behalen gemist te hebben, waarna de partij door zetherhaling remise werd. Dat was jammer want er had veel meer in gezeten.’

Last but not least zette Tobi een prima partij neer, die essentieel was voor het pakken van de punten, en hierbij benoem ik hem dan ook tot de officieuze Man of the Match:

Met deze score zijn we voorlopig koploper in onze poule in de tweede klasse (boven Wageningen op bordpunten). Mogen we stiekem al visioenen koesteren van het kampioenschap – of ben ik de boel dan aan het ‘jinxen’? De volgende wedstrijd tegen ASV 6 hebben we in elk geval goede kansen!

Share

1 reactie

  1. Simon van Dijk schreef:

    Leuk verslag, Thierry!

Geef een antwoord