Schaken in Helsinki (17)

Voordat ik over het Reykjavik Open 2019 begin allereerst het grote nieuws uit de Suomen Liiga: nadat ik terugkom uit IJsland lees ik op de website van de Finse Schaakbond dat we toch kampioen zijn geworden! In de laatste ronde winnen we met maar liefst 6–1 van concurrent KarjUra waardoor we uiteindelijk samen met RaahLi op 12 matchpunten eindigen, maar met 1 bordpunt meer worden we net eerste! Ongelooflijk! Hierdoor speel ik gelukkig volgend seizoen weer in de hoogste klasse wat betekent meer spelen en meer – interessante – reizen.

En dan het verslag van mijn bedevaart naar het land van Fischer en van Fischer – Spassky. Op 6 april vlieg ik met Finnair via Oslo naar Reykjavik. In mijn bagage de drie boeken van Sosonko die ik net heb gekocht: prachtige biografieën over Bronstein, Korchnoi en Smyslov. De vlucht is prachtig: vanuit het raam kan ik de ‘Blue Lagoon’ zien liggen en wat meteen opvalt is het kale landschap zonder bomen. Maar ik zal jullie verder niet te veel lastigvallen met het spectaculaire en fascinerende landschap in IJsland, want daar is de echte schaker natuurlijk niet in geïnteresseerd! Ik neem de bus naar het centrum en loop naar ons bed & breakfast: ‘Eric the Red Guesthouse’. Eirík de Rode (een tamelijk gewelddadige naamgenoot die ze vreemd genoeg met een ‘c’ en niet met een ‘k’ schrijven: https://nl.wikipedia.org/wiki/Erik_de_Rode) is de ontdekker van Groenland; zijn zoon Leif Erikson de ontdekker van Amerika.

Voor ons guesthouse op Eiríksgata 6

Bas komt pas diep in de nacht aan. Hij had een vlucht met de IJslandse maatschappij WOW Air geboekt die echter op 28 maart faillissement aanvraagt. Hierdoor moet hij een vlucht met een andere maatschappij boeken waardoor hij laat aankomt, uren moet doorbrengen in Kopenhagen waar hij een tussenlanding maakt en maar moet hopen dat hij z’n geld terugkrijgt. De volgende dag verkennen we Reykjavik. Eerlijk gezegd is er niet echt veel te zien. Later op de dag gaan we naar de plaats waar gespeeld wordt om ons te registreren en omdat daar volgens het schema de ‘Opening party’ plaatsvindt van het Reykjavik Open 2019. De plaats – Harpa, het concertgebouw van Reykjavik – is schitterend; de ‘party’ valt een beetje tegen zoals aan de foto te zien is!

De Harpa waar we later nog naar ‘The Wall’ gaan, gespeeld door een IJslandse imitatieband

De ‘Opening party’ op zondag

Aan het Reykjavik Open doen dit jaar 238 schakers mee van over de hele wereld. De sterkste is Gawain Jones met een rating van 2698, gevolgd door de Zweed Nils Grandelius en het Iraanse supertalent – die wel een wat wereldvreemde indruk maakt – Alireza Firouzja. Uit Nederland doen onder andere Erwin l’Ami en Jorden van Foreest mee. Daarnaast valt me op dat je veel talentvolle kinderen ziet – vooral uit India en de USA – die dan met de hele familie aanwezig zijn en ook veel vrouwen. Het toernooi staat bekend om de zogenaamde Side Events. Aan de ‘Pub Quiz’, ‘Football’ en ‘Backgammon’ doen we niet mee. Wel aan het ‘Fischer-random tournament’, ‘Harpa Blitz’ en de ‘Special Golden Circle Tour (Stopover at Fischer’s grave)’ op de rustdag op 11 april. Het snelschaaktoernooi wordt gewonnen door Gawain Jones. Het Fischer-random zal wel niet zo sterk bezet zijn denken we totdat we ontdekken dat de eerste prijs € 1000,- is! Wel erg leuk om als eerbetoon aan Fischer zo’n toernooi te spelen. Vooral de eerste ronden zijn fascinerend – en een uitdaging voor het ‘oude’ brein – omdat ik het nog nooit gedaan heb: telkens moet je een plan verzinnen om je stukken op een fatsoenlijk manier neer te zetten om nog maar te zwijgen van die rare rokade!

Het toernooi eindigt met maar liefst 8 spelers op de eerste plaats, allemaal met 7 uit 9. Tot winnaar wordt Constantin Lupulescu uitgeroepen. Ik ken hem niet maar hij speelt een prachtige partij tegen Alireza Firouzja die door Ligterink in de Volkskrant wordt gepubliceerd in een artikel over dit toernooi in de zaterdagkrant. Hij ontvangt € 3175.- wat me voor een schaakprof toch erg weinig lijkt voor zo’n enorm duur toernooi in IJsland. En Bas en ik? Helaas, allebei presteren we onder de maat: Bas eindigt op plek 67 en ik op 139 en dat had 20 tot 30 plaatsen hoger moeten zijn! Mijn aardigste partij is de volgende tegen een schaker uit Nieuw-Zeeland.

Vooral de stelling na 38. Txd6+ oogt geometrisch best mooi. Bas behaalt een fraaie remise tegen een Noorse grootmeester, maar verliest helaas in de laatste ronde waardoor hij net geen ratingprijs wint.

En dan speel ik nog tegen een Amerikaans wonderkind: de 12 jarige Christopher Yoo. Ik verlies na een veel te optimistisch pionoffer.

Als ik weer thuis ben in Helsinki lees ik zowaar een artikeltje over hem in New in Chess: de jongste IM ooit uit de Amerikaanse schaakgeschiedenis! Kan ik later misschien zeggen dat ik ooit verloren heb van de wereldkampioen!

En dan als laatste Fischer. Ik ben een echte fan. Heb alle films over Fischer gezien (zoals ‘Bobby Fischer against the World’ van Liz Garbus), bezit veel boeken over hem waaronder die van zijn biograaf Frank Brady (‘Profile of a prodigy’ en het erg trieste ‘Endgame’ waarin ook het einde van zijn leven wordt beschreven) en ‘Bobby Fischer comes home’ van Helgi Olafsson waarin de fantastische actie van de IJslanders wordt beschreven hoe ze Fischer redden uit de klauwen van de Amerikaanse justitie. En niet te vergeten het prachtige fotoboek van Harry Benson waarin je kunt zien wat een atleet Fischer was. Het eerste wat we bezoeken is de tweedehandsboekhandel Bókin waar Fischer veel tijd doorbracht. Het is een fantastische zaak!

Boekhandel Bókin op Klapparstígur 25 – 27

Na een soort ‘kruip door sluip door’ vinden we de plek bij het raam waar Fischer vaak zat. Er staat een schaakbord op een klein tafeltje waar vanzelfsprekend de fotoshoot plaatsvindt.

De stelling op het bord is niet echt toepasselijk: die moet anders!

Naast de stoel waar ik op zit ligt een doos met allemaal oude exemplaren van British Chess Magazine. Zowaar stuit ik op een nummer uit 1992 met daarin de eerste partijen uit de tweede match tegen Spassky in Sveti Stefan in het voormalige Joegoslavië. Er staat een verslag in van de beruchte persconferentie waarin Fischer op een fax van de US Treasury Department spuugt en een trieste foto van Fischer en zijn toenmalige vriendin, de 19-jarige Zita Rajcsanyi uit Hongarije. Ik loop met het tijdschrift naar de eigenaar, maak een praatje waarna hij met een wegwerpgebaar kenbaar maakt dat ik niet hoef te betalen. Ze weten daar hoe ze een Nederlander gelukkig moeten maken! Daarna lopen we door naar het appartement waar Fischer de laatste twee jaar van zijn leven gewoond heeft. Voor de echte liefhebber!

Klapparstígur 5. Fischer woonde op de vierde verdieping

Op 11 april stappen we om half negen ‘s ochtends in de bus voor de ‘Special Golden Circle Tour’. De ‘normale’ tour brengt je slechts naar drie bezienswaardigheden – waarbij ik de plek waar de Euraziatische en Noord-Amerikaanse tektonische platen met een snelheid van 1 to 2 cm per jaar zich van elkaar verwijderen het meest fascinerend vind – de ‘special’ gaat dus ook naar het graf van Fischer in Selfoss! Het graf ligt bij een klein kerkje.

De Laugdælakirkja met links het graf van Fischer

Als de meeste schakers vertrokken zijn maakt Bas DE foto.


De gids praat even met de boer die tegenover de kerk woont. Die vertelt dat Fischer hier vaak kwam en zelfs op een gegeven moment vroeg of hij mocht helpen. Dat leek de boer niet zo’n goed idee maar hij zei wel tegen Fischer dat hij altijd welkom was. Fischer is er daarna vaak geweest en sprak op een gegeven moment de wens uit om daar begraven te worden.

Daarna gaan we door naar het Bobby Fischer Center (http://www.fischersetur.is) in het dorp. Het is de speelzaal van de plaatselijke schaakclub maar ze hebben er ook allerlei memorabilia van Fischer. We krijgen eerst een verhaal te horen en kunnen daarna wat rondlopen.


Er staat ook een replica van de schaaktafel waaraan Fischer en Spassky speelden.

En nog een bericht van Spassky bij het overlijden van Fischer. Hij heeft volgens mij nog steeds een enorm respect voor Fischer.

De laatste plek waar we nog naar toe moeten is de sporthal Laugardalshöll waar de ‘Match van de Eeuw’ plaatsvond. Het regent flink op de laatste speeldag en de dag voor ons vertrek op 17 april, maar daar laat de echte fan zich niet door tegenhouden! Doorweekt komen we aan en na even zoeken vinden we een plaquette ter herinnering aan de match.

Laugardalshöll

En dan natuurlijk een selfie!

De volgende dag vliegen we terug naar Finland en Nederland. Bas moet heel vroeg op maar doordat zijn vliegtuig vertraging heeft komen we elkaar weer op het vliegveld tegen. In mijn vliegtuig naar Helsinki zit een groot aantal schakers, onder andere de families uit India.

En dan ter afsluiting de laatste foto die van Fischer gemaakt is. Ik word er altijd wat melancholiek van: wat een triest leven en wat had hij nog veel schitterende partijen kunnen spelen als de Russische Schaakbond wat minder machtig was geweest en uitdager Karpov gewoon met hem had gespeeld om het wereldkampioenschap.

Met schaakgroet!

Erik van de Plassche

Eerdere afleveringen:

1 reactie

  1. Bert-Jan Boer schreef:

    Mooi verslag Erik. Heb het met veel plezier gelezen

Geef een antwoord