Moeizaam gelijkspel voor UVS2

De een-na-laatste ronde bracht UVS2 tegen Schaakstad Apeldoorn 3. Om nog de vage kansen op een tweede plaats (en dus promotie) overeind te houden, moesten we gewoon winnen. Dat zou gezien de ratingverschillen ook niet zo’n probleem moeten zijn, ware het niet dat dit seizoen nou niet echt lekker loopt. Ook dit keer was het weer niet best wat UVS2 als team neerzette.

We begonnen met een kleine tegenvaller, omdat Dennis Breuker voor dienst in het eerste werd opgeroepen. Maar Jorik Quint, die voor Dennis inviel, scoorde wel als eerste en won een overtuigende partij op bord 8. Naast hem leek Ruud van de Plassche ook goede zaken te doen vanuit de opening, maar het ogenschijnlijke voordeel verwaterde razensnel na gedwongen afwikkeling en een potremise stelling bleef over.

Ik had de enigszins speculatieve versnelde dragadorf van stal gehaal en had de pech dat mijn tegenstander achter het bord de mijns inziens beste aanpak wist te vinden, die het hele systeem eigenlijk vrijwel onspeelbaar maakt (vraag me af of die in het boekje van Clemens staat). Ik moest afwikkelen naar een eindspel waarin met T+P tegen T+P waarin ik een pion minder had maar wel redelijk wat tegenspel kon (of leek) te creëren. Gezien de stand op de overige borden en zijn ietwat krappe resterende tijd bood mijn tegenstander remise aan, wat ik niet goed kon weigeren in deze situatie (als het nu de laatste overgebleven partij was geweest, was een alles of niets poging misschien wel gerechtvaardigd geweest).

We stonden nu wel 2-1 voor, maar het was op diverse borden toch niet zo voorspoedig aan het gaan als een uurtje tevoren. Hans had op bord 4 een pion gewonnen en dat zag er oppervlakkig gezien allemaal heel gezond uit. Zijn tegenstander kreeg wel verdacht veel tegenspel en misschien was het beter geweest die pion ergens terug te geven, nu ging het van kwaad tot erger en leverde Hans ergens een stuk in.
Bij Arno Sprinkhuizen ging het vrij onnodig mis:

Bij Wouter Dinjens stond het bord vlak voor de tijdscontrole nog vol stukken en aangezien Wouter nog maar een minuut had, leek het erg spannend te gaan worden. Zijn tegenstander verkeerde echter in de veronderstelling dat ze het met de halve minuut extra per zet moesten doen en wist niet dat er na de 40ste nog een half uur bij kwam, misschien dat dat zijn gehaaste spel in de laatste fase verklaart, hij dacht dat hij Wouter wel door de vlag zou kunnen jagen.

De stand was 3-3, maar de verwachte eindscore was nu 5-3 in ons nadeel omdat zowel Jeroen Clermonts als Ivar Heine zo goed als verloren stonden. Daar gebeurden echter vreemde dingen.

Bij Ivar ging het lange tijd voorspoedig, hij kwam met licht voordeel uit de opening, maar daarna begon het te haperen. Opeens kon zijn tegenstander toch een belangrijke pion meepakken, hoewel het er tactisch erg verdacht uitzag. Kort daarna had Ivar misschien het beste voor een afwikkeling naar een remiseachtig eindspel kunnen gaan, wat er nu op het bord kwam zag er erg beroerd uit:

Vanuit de opening had Jeroen een aardig ogende aanvalsstelling gekregen. Hij moest paard+loper voor toren+pion geven, maar hield initiatief wat in de winst van twee extra pionnen resulteerde. Winst lag in de verwachting, totdat Jeroen pardoes een volle toren weggaf. Klein probleempje voor zwart: hij hield geen pionnen meer over.

Zo kwamen we toch nog weg met een gelijkspel.

Verslag van onze tegenstanders.

Share

Geef een reactie