Degradatiezorgen? Geen punt bij UVS 3!

Mijn excuses voor de cynische titel, maar er is simpelweg geen reden tot vrolijkheid bij UVS 3. Na de nederlaag tegen ASV 4 van zaterdag 3 februari wordt degradatie ontlopen wel een heel groot Praxis Gamma Karwei: we staan laatste op drie punten achter de nummer 9 en op 4 punten van de safe zone. Op voorhand lag de druk er dus vol op en daarmee wisten we dus niet goed om te gaan. Maar de wonderen zijn de wereld nog niet uit en ik heb al ooit eens een miraculeuzere ontsnapping meegemaakt (Het Kasteel 2 wist bijvoorbeeld vorig jaar op de slotavond niet te degraderen door een overwinning op de koploper). De vlot verlopen heenreis naar Arnhem deed bovendien in niets vermoeden dat 3 februari een zwarte zaterdag zou worden voor heel UVS (UVS 1 en 2 verloren die dag namelijk ook).

Na een uur spelen leek er nog niets aan de hand. Alle borden leken in evenwicht en hier en daar leek zelfs een voordeeltje voor de Nijmegenaren te bespeuren. Winnen in de derby, zou het erin zitten? Na nog een uur was daar nog niets zinnigs over te zeggen. Sterker nog, op sommige borden leek UVS zelfs beter te staan.

Om half vier was er een kentering gekomen: ik ging aan bord 5 door mijn vlag heen op zet 19 (webmaster, is dat een schaakrecord?) en Jorik op bord 3 had remise aangeboden in een in mijn ogen spannende stelling, maar na verdere analyse bleek dat niet zo te zijn. Toen ik hem vroeg zijn partij te omschrijven zei hij: ‘Saai.’ (1½-½). Marcel aan bord 2 hikte tegen een pionnenmeerderheid op de damevleugel aan, Elwin had op bord 4 een geïsoleerde pion die het niet lang meer zou gaan redden. Invaller Ruud van der Spoel moest op bord 6 een stuk offeren om een pion te weerhouden van promotie, Lambert had een remiseachtig eindspel aan bord 7 en Klaus had aan bord 1 een spannende stelling. Goed nieuws kwam rond een uur of 4 vanaf bord 8, waar Ron na kwalwinst door een penning de stand gelijk trok (1½ – 1½).

Daarna ging het hard. Ik geef alleen mijn aantekeningen op chronologische volgorde, gevolgd door enkele individuele partijverslagen. Ik weet het, ik was vroeg klaar en had alle tijd om een mooi gedetailleerd verslag uit te werken… Laten we maar stellen dat nuttig tijdgebruik niet mijn sterkste punt was die middag.

– Ruud lijkt verloren.
– Lambert pion kwijt. Eindspel lijkt niet meer te keepen. Wonder nodig.
– Marcel gaat eindspel verliezen.
– Elwin maakt fatale blunder (Txf4) en gaat mat. Zijn reactie: ‘Ik heb het een bak weg zitten geven!’ (2½-1½).
– Ruud verloren (3½-1½).
– Bij Lambert lijkt ’t ’n kwestie van tijd.
– Marcel staat verloren.
– Bij Klaus nog onduidelijk. Mag vrijuit voor eigen succes gaan.
– Nog drie partijen bezig waarvan er één (Marcel) sowieso verloren is. Die van Lambert trouwens ook.
– Klaus twee pionnen voor. Lijkt te gaan winnen.
– Marcel 0. Match verloren (4½-1½).
– Klaus lijkt in een eeuwig schaak te lopen.
– Lambert 0 (5½-1½).
– Klaus ½. 6-2 verloren.

Bord 1: Klaus Wüstefeld – Ruud Verhoef
Teamleider Marcel Krivec had mij aan het eerste bord gezet. Een tactische opstelling: ik hoor daar niet te zitten, zo sterk ben ik niet. Dat ik 1 of 2x succes gehad heb tegen hoge ratings is in hoge mate te danken geweest aan een grote dosis geluk, maar die geluksfactor hoeft niet altijd mee te spelen. Mijn huidige ASV-tegenstander Ruud Verhoef was een rustige, vriendelijke man: dat associeerde ik met intelligentie, concentratie en vindingrijkheid en dat bleek een juiste inschatting, want achteraf bleek hij zo’n 130 ratingpunten meer te hebben dan ik. Ondanks zijn voelbare sterkte waren er momenten waarop mijn tegenstander meer uit zijn stelling had kunnen halen, maar datzelfde geldt voor mij toen ik tegen het einde van de partij (misschien?) winstkansen heb laten schieten. Het werd een opwindende partij, doordat ik met een geheim wapen kwam: een wel heel uitzonderlijke nieuwe variant in het Koningsgambiet. Ik noem dat zelf altijd de “Maarten van Rooij-variant”, omdat Maarten een paar jaar geleden mij op deze variant wees. Eindelijk kon ik deze variant eens in de praktijk brengen. Een geheim wapen behoort enigszins geheim te blijven, daarom start ik de partij iets later. Wie interesse heeft naar de eerste zetten, mag mij erom vragen en misschien kunnen de echte puzzelaars het begin reconstrueren, maar bekijk mijn partij maar.

Bord 2: Bert Duijker – Marcel Krivec

Bord 3: Jorik Quint – Désiré Fassaert
Zwart speelde in deze partij de Caro-Kann. Dat is vragen om remise en dat werd het ook.

Bord 5: Simon van Dijk – Gerben Hendriks
Geloof het of niet, maar in de onderstaande stelling (na 18…Pe6) ging ik door de vlag, tot grote verbazing van mijn tegenstander en eigenlijk iedereen die er lucht van kreeg. Toegegeven, de stelling is niet makkelijk en dat was de partij ook niet. Ik heb gedurende de partij zelfs geen grote fouten gemaakt en de stelling is hier redelijk in evenwicht, maar voor elke zet heb ik te uitgebreid de tijd genomen (90/18 = 5 minuten per zet en dan heb het increment nog niet eens meegeteld).
De waarheid is dat ik niet opzettelijk zo kalm aan deed, maar dat ik bijna mijn siësta achter het bord hield. Ik was namelijk tamelijk moe van de reis naar Spanje met mijn studievereniging waarvan ik de avond ervoor was teruggekeerd. Neemt niet weg dat ik sneller moet spelen, want zo makkelijk een punt weggeven is gewoon onzin.

Bord 6: Ivo van der Gouw – Ruud van der Spoel

Laten we deze zaterdag maar snel vergeten en ons richten op de volgende match: thuis tegen Schaakstad 3 uit Apeldoorn. Zal UVS 3 dan eindelijk twee punten gaan pakken?

Share

2 reacties

  1. Dennis Breuker schreef:

    “Klaus die met een spies probeert huidcelletjes van Lambert los te peuteren”. Staat dat er echt? Het is maar goed dat ik zaterdag niet mee ben wezen eten, geloof ik…
    Jammer dat het derde het niet heeft kunnen bolwerken.

  2. Klaus Wüstefeld schreef:

    Ja Dennis, alle boeiende détails van wat er die avond is besproken, geef ik niet weer: dat zou te lang worden. Maar de woorden van Ruud van der Spoel wekken bij de lezer misschien wel nieuwsgierigheid op….spiezen en huidcelletjes van Lambert??? Het was een klein onderdeel van ons hoogstaande gesprek. De lezer heeft recht op een korte uitleg. Het was een heel interessant etentje o.a. door de diepgaande wetenschappelijke gesprekken. Zo ging het over het voortbestaan van de mensheid. Wat betekent voortplanting van het menselijk geslacht in een tijd waarin Klonen een van de mogelijkheden gaat worden ? Zijn er nog mannen en vrouwen nodig voor de voortplanting? Nog sterker: volgens Lambert zou er uit een huidcelletje van zijn arm in de toekomst een mens gemaakt kunnen worden. Uiteindelijk hebben we het die avond toch maar niet geprobeerd, al is de neiging er dan wel om het proefondervindelijk vast te stellen. De spiezen op tafel lagen wel klaar.

Geef een reactie