Een kampioenschap in acht fragmenten

‘Ich kam bereits als aussergewöhnlicher Mensch zur Welt; ich war nämlich zu nicht geringem Entsetzen meiner Eltern mit einem Klumpfuss behaftet, der mich jedoch an raschen Fortschritten nicht gehindert hat.’

– Siegbert Tarrasch (1862-1934), Dreihundert Schachpartien

Sorry lezers, ik kon het niet laten. Dit citaat slaat hier natuurlijk nergens op. Maar ik vind het zo’n leuke en typerende uitspraak van Tarrasch, dat ik die graag met jullie wil delen. Dus zie het voor deze keer door de vingers. Ik zal me verder beperken tot een schaaktechnisch verslag van mijn belevenissen tijdens de strijd om het clubkampioenschap. In vogelvlucht acht bepalende momenten…

Een slecht begin…

Na twee partijen ziet het er niet naar uit dat ik een rol van betekenis in de titelstrijd zal spelen. David Miedema taxeert een scherpe stelling veel beter dan ik en wint. Daarna eindigt een spannende partij tegen titelverdediger Joost Retera in een puntendeling.

Een stevige tussensprint…

Wil ik nog iets bereiken, dan moet er stevig worden gescoord. Dat lukt met een tussensprint van 5 uit 5. Die begint met een aardige combinatie.

De partij tegen Jan Pijkeren kent een abrupt slot. In tijdnood overziet Jan een dameschaakje op e1.

Maar zoals het afgezaagde spreekwoord luidt: zonder geluk vaart niemand wel. Dat geldt zeker voor mij in deze fase. In de ontmoetingen met Guido van Mierlo en Dennis Arts sta ik tussentijds ronduit slecht, maar pak ik toch nog het volle punt. En ook tegen Anton van Rijn krijg ik meer dan ik verdien.

Gelijk over de finish…

Na zes van de negen ronden in de kampioensgroep heeft Jaap Houben de leiding met een punt voorsprong. Hij speelt overtuigend en heeft slechts een halfje laten liggen. Een naar eigen zeggen onnodige nederlaag tegen David gooit de titelstrijd weer open. Joost valt echter af door een ongelukkige nul tegen Guido.
In de achtste ronde staat de topper tussen Jaap en mij op het programma. Na een enerverende maar bepaald niet foutloze strijd (ik mis een paar goede kansen) tekenen we de vrede. Dat geeft David de gelegenheid om langszij te komen. Die benut hij door zijn inhaalpartijen tegen Guido en Joost te winnen.
De slotronde brengt geen beslissing. David wint een pion tegen Hans Quint en schuift de partij rustig uit. Ik win vrij vlot van Erik van Heeswijk die niet zijn beste avond heeft. Jaap komt er niet door tegen Dennis. Hij probeert het tot in het verre eindspel, maar Dennis geeft geen krimp. David en ik eindigen gelijk met 7 uit 9, waardoor er een match op de slotavond nodig is. Jaap wordt derde met een half punt minder.

Nog steeds geen beslissing…

David deelt in de beslissingstweekamp de eerste klap uit. Ik bereik in de eerste rapidpartij (25 min. p.p. plus 5 sec. increment) een zeer gunstig eindspel met een pion meer, maar word vervolgens weggespeeld. De slotstelling blijkt nog een verrassende redding te bevatten.

In de tweede rapidpartij sla ik terug. David gaat zijn stijl getrouw mee in de complicaties die ik oproep. Hij heeft op een gegeven moment remise en de titel binnen handbereik, maar dan gaat het alsnog mis.

Campione…

Twee snelschaakpartijen (5 min. p.p plus 3 sec. increment) en eventueel een Armageddon-partij moeten de doorslag geven. De eerste partij eindigt na duistere verwikkelingen in eeuwig schaak. In de tweede snelschaakpartij valt de beslissing. Ik profiteer van een kwetsbare koning in het midden en win materiaal. Campione, campione, ole, ole, ole … : )

Share

Geef een antwoord