Tegenvaller voor UVS 4

Woensdag 12 november speelde UVS 4 in Apeldoorn tegen Schaakstad 4.

Het begon erg goed, omdat Michiel aan bord 2 vanuit de opening zijn tegenstander helemaal wegspeelde en zo binnen 1,5 uur het eerste punt liet aantekenen. Ook bij Jasper aan bord 4 ging het na een moeizaam begin toch vrij snel en na ongeveer 2 uur spelen was het 2-0 voor UVS 4. Jasper zelf schrijft:

dia‘Ik kwam verschrikkelijk uit de opening (probeerde iets nieuws maar dat ging niet zoals gepland), de computer gaf mijn tegenstander op een gegeven moment een 1.70. Gelukkig maakt hij ook wat fouten en kregen we de volgende stelling (zie plaatje) waar mijn tegenstander nog steeds een 1.3 + krijgt van de computer. Hier speelde mijn tegenstander De2, wat het laat zakken naar een 1 omdat ik met e5 het initiatief krijg. Mijn tegenstander moet dan zijn loper terug spelen over de lange diagonaal, maar de verleiding tot het spelen van Lc4 was te groot wat tot een ongeveer gelijke stelling leidt (0.3 voor wit). Vanaf dit moment is de score van wit steeds meer achteruit gegaan en mijn score steeds meer omhoog tot ik uiteindelijk een gewonnen stelling had. Dit was vooral te danken aan mijn tegenstander die vrij snel zette en ook steeds minder blij begon te kijken naarmate de partij vorderde, terwijl het indrukken van de klok steeds wat hardhandiger ging.’

Bij Ismail aan bord 1 waren de problemen in zijn stelling al vrij snel erg groot. Ondanks de vele valletjes die hij in mindere stelling nog in de stelling probeerde te weven, was verlies onontkoombaar. Nog steeds leek het dat UVS 4 die avond met de winst naar huis zou gaan. Aan bord 3 leek Klaus een voordeel te hebben. Klaus zegt er zelf over:

‘Ik wist binnen 14 zetten een stelling op het bord te krijgen, waarvan iedere nuchtere toeschouwer zou zeggen: ‘dat gaat hij beslist winnen’ (zie de beginstelling van bijgevoegde partij). Ook ik zelf meende op dat moment het punt binnen te kunnen halen. Het probleem was dat het gedurende bijna heel de partij een ‘gewonnen stelling’ bleef zonder dat ik de winstvoortzetting kon vinden. Misschien ziet de geachte lezer wel iets leuks? Enigszins vermoeid bood ik bij de 48ste zet remise aan. Jan Walpot wees dit af en kwam op het laatst zowaar nog gewonnen te staan, maar ook hij wist niet de juiste winstvoortzetting te vinden. De Apeldoorner (ook vermoeid) durfde daarna het eindspel (hij Dame +3 pionnen, ik Dame + 2 pionnen) niet aan, hoewel hij toch wel de betere kansen leek te hebben. Hij bood op zijn beurt remise aan. Daar was ik wel heel erg blij mee.’

1 7

Ook Frans vdH aan bord 5 leek al snel een groot voordeel te behalen, maar kreeg de berekening niet helder en liet de situatie onaangeroerd. Frans zelf over de situatie en partij:

‘Met wit speelde ik de openingszetten niet in de goede volgorde, met als gevolg dat ik onder steeds grotere druk kwam te staan. Bij zet 10 leek ik een stuk te kunnen winnen met Da4+, maar ik kon het niet sluitend krijgen en ging toch maar voor de lange rokade. In de analyse bleek Da4+ inderdaad (gelukkig) een doelloze zet. Vervolgens werd mijn stelling alsmaar beroerder, ik zag het somber in. Mijn tegenstander deed vanaf zet 20 ook wat mindere zetten. Hierdoor kon ik de partij weer enigszins in evenwicht trekken. Rond zet 40 had ik nog maar een minuut op de klok en hoewel ik de klok ingedrukt had bleven toch de seconden van mijn tijd wegvloeien. Gelukkig gaf Lambert aan dat er sprake was van een defecte klok. Terwijl mijn tegenstander aan zet was werd de klok vervangen. Dit leverde hem nog eens een minuut of tien extra bedenktijd op :-(. Gelukkig kreeg ik ook twee minuten extra op de klok. :-). Meteen hierna deed hij een zeer dubieus stukoffer (stelling -4 voor zwart). Ik had geen tijd meer om de varianten uit te rekenen en nam het offer helaas niet aan. Zwart loste met zijn volgende zet alle problemen op (stelling +2 voor zwart) en bood meteen remise aan. Voordat ik dit in overweging kon nemen had ik mijn hand al uitgestoken. Al met al kom ik hiermee toch nog goed weg.’

4 5

Wim K aan bord 8 speelde een degelijke partij, waarin gedurende de partij geen van beide spelers aanspraak kon maken op een voordeeltje. Remise en dus 3,5 – 2,5 in ons voordeel. Zoals gebruikelijk speelde ik met zwart de opening erg zwak, stel maar slecht, en mocht de hele partij met moeilijke stelling proberen er nog iets van te maken. En zoals vaak gebeurt, op het moment dat je denkt ‘ik kan me uit de problemen spelen’, sloeg mijn tegenstander genadeloos toe. Een leuke en bijzonder spannende partij maar wel een 0. 3,5 – 3,5. Aan bord 7 voor Onno de ondankbare taak het laatste puntje binnen te slepen…. de UVS omstanders geloofden in een goede afloop, maar …. Onno over het verloop van zijn partij:

‘Tot in het eindspel heb ik beter gestaan en verwachtte ik minimaal remise te houden. Mijn pluspion heb ik geofferd voor de aanval. Mijn aanval bleek niet door te zetten en ik kwam in een nog altijd gunstig eindspel waarbij mijn tegenstander een slechte loper had en ik een goede. Even later verloor ik nog een pion en schatte ik mijn kansen toch nog iets beter in. Mijn tegenstander was toen bijna in tijdnood en ik helemaal. Achteraf was dit het moment om remise aan te bieden, want in tijdnood spelen is niet mijn sterkste kant. Het stond toen 3,5 – 3,5. Mijn partij was dus doorslaggevend. Daarna nam ik te veel risico en kon ik, hoewel ik uiteindelijk een loper tegen een pion voor stond, een vrijpion niet tegenhouden en verloor ik toch nog. Hier heb ik flink van gebaald, want mijn partij was beslissend voor het teamresultaat en ik verwachtte minimaal een remise en had een goede hoop op de winst. Maar ja, ook dat hoort bij het schaken. Het was volgens mij wel een interessante partij. De volgende keer kan ik in zo’n situatie dus beter remise aanbieden.’

Einduitslag Schaakstad 4 – UVS 4 4,5 – 3,5

r2

Share

Geef een reactie