Schaken met een dode

Tussen  1985 en 1993 vond er onder geheimzinnige omstandigheden een bijzondere schaakpartij plaats. Een correspondentiepartij tussen Viktor Kortsjnoj en Géza Maróczy. Dat twee sterke grootmeesters een geheime trainingspartij spelen is niet zo uitzonderlijk. Correspondentieschaak is al wat ongebruikelijker, maar daar gaat het in dit geval niet om.  Wat dit geval bijzonder maakt, is dat één van de twee spelers ruim dertig jaar eerder was overleden …

Lees mijn complete artikel over deze partij op kloptdatwel.nl

Share

5 reacties

  1. Jan van de Westelaken schreef:

    Hm, sluikreclame voor een andere website, klopt dat wel?
    Overigens ben ik zelf al tien jaar dood, dus zo bijzonder is het niet ; )

  2. Pepijn van Erp schreef:

    @Jan Ik had ook het hele artikel kunnen kopiëren, maar dat leek me zo’n gedoe ;-)
    Maar als dode zelf aan de tafel gaan zitten schaken, Jan, dat is inderdaad niet zo bijzonder. Nee, als je daarmee een goed verhaal wil scoren, zul je er toch een medium tussen moeten zetten. Het wordt pas mediageniek als er een vaag figuur aan te pas komt en jij komt me nog veel te redelijk over ;-)

  3. Klaus Wüstefeld schreef:

    Pepijn, Het zal in de toekomst nuttig kunnen zijn om bevriend te raken met een overleden grootmeester. Er zal een nieuwe periode aanbreken in de schaakgeschiedenis. Nieuwe middelen. Wat denk je in dit verband van de slogan “kom bij UVS: daar kun je schaken zonder les”. Je doet je ogen dicht en hoort zacht de stem van een dode grootmeester lichtelijk bruisend van verre komend in je oren ” 1. e2-e4 ” zegt hij…. maar hij vergeet dan wel tot onze schrik de klok in te drukken, hij kan het wel ,een koud kunstje om met geconcentreerde spirituele kracht je te richten op het knopje van de schaakklok. Dus hij kan wel de klok indrukken, maar hij doet het uit principe niet, want in de wereld van de geesten bestaat geen tijd.

  4. Pepijn van Erp schreef:

    @Klaus ik zie dan toch meer in een connectie met iemand met een ‘reputatie’ zullen we maar zeggen. Iemand die op overtuigende wijze tegen mijn tegenstander kan zeggen, nadat ik met 1.e2-e2 heb geopend(daar heb ik immers geen dooie GM’s voor nodig): “Hé mannetje, ik weet niet hoe jij erover denkt, maar f7-f5 lijkt me nu toch echt de aangewezen zet. Anders hebben we het er nog wel eens over als je ook aan gene zijde bent gearriveerd. Maar ik waarschuw je, de vorige die mijn advies negeerde zit nu voor straf voor eeuwig te dammen.” ;-)

  5. Klaus Wüstefeld schreef:

    Gezien de bijna wetenschappelijke grondigheid, waarmee je dit thema uitgeanalyseerd hebt, Pepijn, vraag ik me af, of je ( via dit wetenschappelijke werkstuk )bezig bent met het behalen van je dokterstitel. Het is natuurlijk wel een onderwerp, dat tot de verbeelding spreekt en waar je vet je fantasie op kunt loslaten. Als je dan een wetenschappelijk begeleider hebt, die niet kan schaken, maak je een goede kans om inderdaad die dokterstitel te lrijgen. Als dit onderwerp in wetenschappelijke kringen echter niet aanspreekt , zal het in ieder geval wel gretig aftrek vinden bij de pers.

Geef een antwoord