Als lid van UVS wordt u bij deze uitgenodigd voor de algemene ledenvergadering van UVS op maandag 30 augustus 2010 om 20.00 uur in ons speellokaal in Forum de Ganzenheuvel.
De agenda ziet er als volgt uit:
1. opening door de voorzitter
2. ingekomen stukken en mededelingen
3. bespreking van de notulen van de vergadering van 31 augustus 2009
4. stand van zaken samenwerking tussen SMB en UVS
5. verslag secretaris
6. bespreking interne competitie incl. voorstel voor bekercompetitie
7. bespreking externe competitie
8. bespreking jaarprogramma
9. verslag kascontrolecommissie en verkiezing nieuwe commissie
10. verslag penningmeester, vaststelling begroting en vaststelling contributie
11. bestuursverkiezing
12. rondvraag
13. sluiting
ad 11) aftredende leden zijn Michiel de Kruijf, Harrie Berkers en Marcel Verstappen. Zowel Michiel als Harrie stellen zich verkiesbaar voor een nieuwe bestuursperiode; dit geldt niet voor Marcel, voor wiens functie Jan van de Westelaken zich beschikbaar heeft gesteld. Als u zich voor één van de functies verkiesbaar wilt stellen, dient u dit uiterlijk bij aanvang van de ledenvergadering aan een der bestuursleden kenbaar te maken.
Als u niet aanwezig kunt zijn, heeft u de mogelijkheid een ander lid te machtigen om te stemmen. Een schriftelijke volmacht dient in dat geval voor aanvang van de vergadering aan de voorzitter te worden overhandigd. Een lid kan voor niet meer dan één ander lid als gevolmachtigde optreden.
Tot 23 augustus kunt u schriftelijk of per e-mail voorstellen ter behandeling op de ledenvergadering indienen. In de week voorafgaande aan de vergadering ontvangt u per e-mail de vergaderstukken (verslag penningmeester, verslag secretaris) alsmede de notulen van de ledenvergadering van vorig jaar.











Hoi Marcel, bij gelegenheid van de uitnodiging voor de vergadering, wil ik nog wat wensen naar voren brengen, die misschien op deze vergadering bekeken kunnen worden. Het is misschien zelfs leuk om over bepaalde punten vooraf op deze website te discussieren, dan hoeft de vergadering niet zo lang te duren. Afijn, nu ter zake, een aantal punten over de onderlinge competitie.
1.Poules van 6 personen. Het lijkt me logisch, dat er groepen van 6 personen gevormd worden en niet van 8 ,9 of 10 personen. De indeling en de paring der tegenstanders is dan volstrekt duidelijk. De tegenstand is ook voor ieder nagenoeg gelijk, terwijl bij grotere groepen iemand soms in 5 rondes veel sterkere tegenstanders kan krijgen dan anderen. Er waren vroeger ook altijd poules van 6 spelers ! Het bestuur van Henk Koch,Soerin Dwarkasin, Joost Thissen,Maarten Heller en Klaus Wüstefeld ( Zo’n 15 à 20 jaar geleden)was vóór poules van 6 personen, maar men wilde het probleem van de LAATSTE groep (die vaak bestond uit meer dan 6 personen) oplossen.We zochten een oplossing voor een groep van méér dan 6 personen met toch 5 partijen per ronde. Het bestuur vond het goed, dat Maarten Heller, de toenmalige wedstijdleider intern, zoiets zou uitwerken. Het was de bedoeling, dat dit systeem zou gebruikt worden voor de laatste groep / groter dan 6 personen / of eventueel ook voor de vóórlaatste groep, maar Maarten Heller voerde dit dóór voor alle groepen en het werd toen het `Hellersysteem`genoemd. De rest van het bestuur was het daar niet helemaal mee eens, maar heeft het daarbij gelaten. Maarten Heller claimde immers als wedstrijdleider, dat hij dat kon doen.Dit historisch verhaaltje geeft aan, dat`poules van 6` oorspronkelijk beschouwd werd als voor de hand liggend.De toenmalige wedstrijdleider heeft het toen anders beslist beslist. 2.Beslissingen door loting. Het gebeurt wel eens, dat spelers precies gelijk staan, op allerlei manieren. In dat uiterste geval wordt dan loting toegepast, als dat nodig is voor promotie of degradatie of andere gevallen. Ik stel voor om altijd loting zo lang mogelijk te vermijden door eerst nog te kijken naar de plaats op de ratingranglijst 3.Soms is er een opéénstapeling van vrije maandagen, dat je eigenlijk best wel een officieel wedstrijdje wilt spelen. Hoe kan dat opgelost worden? Groeten van Klaus -Wùstefeld
Hoi KLaus,
Een goeie manier om de ledenvergadering voor te bereiden! Hieronder mijn commentaar op jouw drie punten.
Ad1
Poules van 6 vind ik een prima idee, maar dan wel met 2 promotie en 2 degradatie zodat er een grote doorstroom is. Wel lastig voor de A-poule waarin dan veel spelers voortdurend tegen elkaar spelen. Als we minder periodes spelen (wat mogelijk is als het bekertoernooi anders inrichten – zie punt 6 van de agenda) hoeft dat echter geen bezwaar te zijn.
Ad2
Beslissing door loting is al alleen als alle andere mogelijkheden zijn uitgeput. De ratinglijst als uitgangspunt nemen vind ik een te zwaar voordeel. En wie moet dan ‘door’ degene met de hoogste rating of met de laagste? Die laatste heeft in principe een betere prestatie geleverd!
Ad3
Ligt eraan wat bedoeld wordt met ‘officieel partijtje’. Je kunt altijd vooruit spelen of inhalen – dat is sowieso een ‘officieel partijtje’. Maar je kunt ook altijd een ladderpartij spelen. Die wordt verwerkt in de ratinglijst en is dus een ‘officieel partijtje’ – de partij telt echter niet mee voor een kampioenschap o.i.d. en is in die zin geen ‘officieel partijtje’.
Hoi Maarten, heel zinvol ,dat je reageert, want zo kan er discussie of overleg ontataan over ideeën, die er in de club aanwezig zijn. Ik begrijp, dat je poules van 6, ieder tegen elkaar volgens een vast schema, wel een goed idee vindt. Je bent dan wel voor een goede doorstroming (2 promotie en 2 degradatie). Lijkt me een goed idee ! Je zou zelfs kunnen denken aan 3 promoveren en 3 degraderen ! Dan heb je ook in de eerste groep ( en de laatste ), telkens een verversing van 3 spelers. Je kunt er dan niet aan ontkomen, dat je in ieder geval 3 spelers de volgende ronde weer als tegenstander krijgt, maar dat hoeft niet zo bezwaarlijk te zijn. Misschien kan dan wel via de paring gezorgd worden, dat die 3 personen afwisselend wit of zwart tegen elkaar krijgen.
Mijn tweede punt was het gelijk eindigen. Het lijkt me heel goed als de huidige selectiecriteria gewoon blijven, maar op het moment, dat deze criuteria zonder succes zijn doorlopen wordt er dan gegrepen naar het laatste redmiddel van de loting,
Mijn voorstel gaat dan alleen over dit laatste redmiddel. Loting lijkt me een manier, die geheel buiten het schaken ligt. Daarom leek mij (nadat alle andere criteria zijn doorlopen)het goed om dan naar de ratinglijst te kijken. Gaat het om twee personen die beiden geheel gelijk staan en moeten promoveren, dan zou de beste rating, bij degraderen de slechtste rating de doorslag kunnen geven. Je zou zelfs voor de kampioensgroep, als daar problemen over een plek zijn, de rating ook een beslissende factor kunnen laten zijn. Voor het door mij gevoelde probleem van de vele schaakvrije maandagen, heb je wel een redelijk alternatief aangegeven, ook al is het volgens mij niet helemaal daarmee opgelost, maar wat mijn betreft kan dit probleem wel even vergeten worden. Overigens vraag ik me af, of onze verdere leden de aangesneden kwesties ook interessant genoegf vinden om er iets van te zeggen. Groeten Klaus
Maarten, een correctie op mijn verhaal: bij promotie/degradatie van 3 spelers krijg je de volgende ronde per definitie 2 “oude”tegenstanders en 3 nieuwe tegenstanders. Klaus
Klaus, ik ben eigenlijk geen voorstander van groepen van zes personen, zeker in een vorm met drie degradanten en drie promovendi waarbij er dus telkens a.h.w een lege groep overblijft, die opnieuw moet worden ingevuld.
Met drie degradanten en drie promovendi, krijg je bijvoorbeeld de situatie dat er een B-groep in periode 2 ontstaat van: A4, A5, A6 (degradanten na periode 1) + C1, C2, C3 (promovendi van periode 1). Het is denk ik een zeer groot risico dat je aan het einde van deze 2e periode, in periode 3 de oorspronkelijke groepen uit periode 1 weer zult terugkrijgen: A4, A5, A6 promoveren redelijkerwijs weer, terwijl C1, C2, C3 degraderen. En waarom gaat dit nu op deze manier mis? Om zich (in de B-groep) te handhaven zijn de C-ers er het meest bij gebaat tegen B-ers te spelen, maar aangezien je steeds “lege” groepen creëert, ontlopen B en C, en C en D, en D en E elkaar voortdurend, maar wordt er voortdurend in het onderlinge treffen -met uitzondering van kop en staart- een letter (en dus een speelsterkte) overgeslagen.
Het lijkt me dat een promovendus is gebaat bij een stabiel middenrif in de groep waarnaar hij promoveert. Hoe breder dat middenrif (van dus relatief vast in die groep verkerende spelers) is, des te meer kans je hebt je als debutant in die groep te handhaven (aangezien met meer spelers de kans groter wordt dat -bij 5 ronden- je de nummers 1 en 2 en 3 in je poule bij de paring ontloopt). Enfin, dat middenrif ontbreekt dus volledig wanneer je groepen “leeg”-promoveert/degradeert.
Ik ging er overigens vanuit -misschien ten onrechte?- dat in de Heller-tabellen over groepen van 10 personen rekening wordt gehouden met de speelsterkte, zodat iedereen zo’n beetje dezelfde gemiddelde tegenstand ontmoet.
@Anton:
Die Heller-tabellen zijn zo in elkaar gestoken dat iedereen ongeveer de zelfde (gemiddelde) tegenstand heeft als in het geval van een volledige competitie. Er wordt dan echter gekeken naar het rangnummer als maat voor de sterkte, wat natuurlijk niet zo logisch is, de speler met rangnummer 8 is immers niet 2 keer zo zwak als die met rangnummer 4. Je zou liever naar de ratings kijken.
Ik heb wel eens naar de wiskundige kant van de zaak gekeken en zelfs een programmaatje geschreven wat ‘betere’ Heller-tabellen oplevert (rekening houdend met rating). Maar dat is best een lastig verhaal om uit te leggen en het programmaatje is ook niet zo af dat het automatisch een speelschema oplevert.
Het is ook niet zo dat het een ‘optimaal’ schema heel andere uitslagen zou opleveren.
Wat wel een idee is om meer Heller-tabellen te genereren en daaruit bij elke competitie een willekeurige te kiezen. Dan is de kans wat kleiner dat je elke periode tegen dezelfde tegestanders zit te spelen, wat vooral in de A-groep nogal eens gebeurt (de rangorde verandert daarvoor te weinig).
Nog een andere suggestie: werk met 2 A-groepen, 2-B groepen, enz van telkens 6 personen. Nrs 1 en 2 promoveren naar verschillende groepen een niveau hoger (in A-groep verhuist nr 2 naar de andere A-groep) , nrs 5 en 6 degraderen naar verschillende groepen een niveau lager en nr 3 verhuist naar de andere groep op hetzelfde niveau.
Maar deze optie is denk ik wat lastiger te realiseren met wisselend aantal deelnemers aan de interne en je krijgt natuurlijk meerdere periode-kampioenen…
De argumenatie van Anton was destijds (1993) een van de redenen om de Heller-tabellen te gaan gebruiken: een vijfrondige periode in grotere groepen zodat men niet voortdurend tegen dezelfde koppen zat aan te kijken, wat daarvoor lange tijd het geval was geweest toen we nog Berger-tabellen gebruikten.
@Pepijn:
Dat nu kennelijk steeds weer dezelfde Heller-tabel gebruikt wordt, is nooit de opzet geweest. Er zijn indertijd voor elke groepsgrootte meerdere tabellen door Heller zelf ‘geoptimaliseerd’. Het enige wat de interne wedstijdleider hoeft te doen, is aan de hand van een van die tabellen even een klein tekstbestandje aan te passen dat door het hoofdprogramma wordt gebruikt voor de verwerking van de uitslagen.
Overigens heeft Emile Schneebeli destijds al een programmaatje geschreven – moet ik nog ergens hebben – dat een tsunami aan niet-geoptimaliseerde Heller-tabellen genereert.
hoi geachte clubgenoten, voor het systeem van een groep van 10 personen met 5 partijen per ronde staat per definitie vast, dat men in ieder geval deels niet dezelfde tegenstanders treft ook al vindt men een wiskundig zuivere berekening, die moet bewijzen, dat de tegenstand voor ieder gelijk is. Rating en rangorde en superintelligente berekeningen kunnen niet uitwissen, dat de tegenstand voor niet de gehele groep hetzelfde is. Iedere persoon speelt immers anders, Zelfs 2 personen, die als even sterk worden ingeschat en allebei dezelfde hoge rating (zeg maar 2000 ) hebben, kunnen toch een totaal verschillende schaakstijl hebben. De ene 2000 kan een Angstgegner zijn met jouw onwelgevallige openingskennis , die dan gelukkigerwijze niet op je pad komt, de andere 2000 past heel goed in jouw schaakstijl , ook omdat hij toevallig wat minder op de hoogte is van de openingen, die je speelt. Er is dus wel degelijk een aansprekend verschil tussen deze twee “gelijken”. Het kan een verschil zijn tussen winst en verlies. Datzelfde geldt voor spelers, die lager in de ranglijst liggen. Overigens kan het verschil ook berusten op een andere toevalligheid. Iemand, die hoog in de ranglijst ligt kan een uit een hogere groep gedegradeerde zijn, wiens degradatie heel ongelukkig was en op toeval berustte , doordat zijn laatste partijen beslist werden door abnormale blunders of doordat hij door omstandigheden voor zijn laatste partij niet kon komen opdagen. Deze speler kan na de degradatie zomaar weer op sterke en degelijke manier gaan spelen. Een andere kan toevallig op een voor hem onjuiste hoge plek in de ranglijst zijn terechtgekomen, doordat toeval en geluk hem wel gezind was. Hij zal daarna plotseling weer op zijn slappe schaakstijl kunnen terugvallen. . Ook dit verschijnsel maakt, dat de paring der tegenstanders op ongelijke manier kan plaatsvinden. Geen enkele berekening kan deze concrete feiten weerleggen. Het Heller-systeem kan wel redelijk genoemd worden, maar de afwijkingen (in tegenstand ) zijn er gewoon. Niet ieder heeft daarom dezelfde kansen om te promoveren of te degraderen. Het is een argument voor poules van 6 met 5 partijen , omdat ieder daar tegen elkaar speelt . De promotie-degradatieregeling is een geheel andere kwestie. Drie personen promoveren/degraderen heeft zo zijn voor- en nadelen ( zie Anton) . Eigenlijk ben ik voor promoveren/degraderen van 2 personen , dat lijkt me heel redelijk, er is dan ook voldoende kans op doorstroming, omdat de groepen kleiner zijn. Ik heb de neiging te zeggen : ” laat alles maar zoals het is, het loopt redelijk ,en ik kan mijn partijtje schaak toch wel spelen”, inderdaad, maar dan praat ik alleen over mijn individuele gevoel, maar als je nadenkt over een systeem , moet je (dacht ik ) concreet nauwkeurig en zakelijk zijn , .maar goed…ik pleit dus voor poules van 6.
Nog een nadeel.
Als er 37 deelnemers zijn is dat lastig in te delen. Dan moet je twee groepen van 6 en vijf groepen van 5 maken en zitten er dus elke avond vijf mensen zonder tegenstander. Of je moet 1 groep van zeven maken en iets met de ronde-indeling gaan doen (welke ronde vervalt?). Dat geldt trouwens bij elk aantal spelers dat niet door 6 deelbaar is.
Bij grotere groepen (10,12 of meer) heb je dat probleem niet. Bovendien kun je het dan altijd zo indelen dat er niet mee dan 1 speler geen tegenstander heeft (als iedereen komt opdagen op de speelavond!).
De argumentatie van Klaus is niet helemaal waterdicht. Als je de gemoedstoestand van spelers gaat meewegen, dan speelt dat ook een rol in groepen van zes. Demotivatie speelt ook daar een rol als iemand vier partijen achter elkaar verloren heeft. Iemand kan net een zware werkdag achter de rug hebben (Luuk bijvoorbeeld) en toevallig tegen jou slechter spelen.
Het streven zou moeten zijn. Tien spelers op volgorde van rating indelen. Startnummers 1 t/m 10. Als je na vijf ronden de startnummers van de tegenstanders op telt moet je uitkomen op ongeveer 27,5. En dan heb je dus ongeveer dezelfde tegenstand.
Daarop zijn de Hellertabellen gebaseerd, maar als je gewoon vijf ronden uit de Bergertabel haalt (wel ff goed kiezen) bereik je hetzelfde.
Hoi Maarten, je hebt gelijk, dat een totaal aantal van 37 spelers een probleem is. Dat was zo’n (pak weg) 20 jaar geleden ook zo. Zie overigens het allereerste verhaal van al deze reacties. Wij hadden toen in het bestuur datgene bedacht,wat nu zo ongeveer het Hellersysteem genoemd wordt, maar dan alleen voor de LAATSTE groep. Dat leek ons toen een goede oplossing. Toentertijd speelden we tot ieders tevredenheid met groepen van 6. Alleen die laatste ( of soms 2 laatste groepen) waren de dupe van onhandige oplossingen, als het deelnemertal niet een veelvoud van 6 was. 37 spelers betekende dan 5 groepen van 6 en één groep van 7. Op deze manier kon in ieder geval in 5 groepen iedereen tegn elkaar spelen en dat werd als belangrijk geacht. de toenmalige wedstrijdleider had reden en en argumenten om dit systeem niet alleen voor de laatste groep , maar voor ALLE groepen in te voeren. Zo kun je zeggen , dat ieder systeem zo zijn voor- en nadelen heeft, dat er dus verschil in voorkeur kan zijn.
Nog even over de suggestie van Pepijn en Jan. Het heeft niet zo heel veel zin om steeds andere tabellen te gebruiken. Dat heeft alleen maar zin als iedere keer een stuk of 8 spelers op dezelfde plaats eindigen. Dat gebeurt eigenlijk nooit.
Dat je (als je in de top drie zit) een paar spelers drie keer per jaar tegenkomt is denk ik niet te vermijden. En als je dat dan toch vermijdt zal de klacht zijn dat de tegenstand nu wel erg mager is.
Door vijf ronden met groepen van 10 te spelen heb je eigenlijk the best of both worlds: sterke tegenstand en variatie. En dat geldt dan ook nog voor alle spelers!
Ik vind die Heller tabellen best een goede en zeker praktische oplossing hoor! De wedstrijdleider zou er alleen bij de indeling op kunnen letten of de gekozen tabel niet heel veel dezelfde partijen oplevert als de voorgaande ronde (en anders een andere tabel te kiezen). Dat speelt overigens alleen in de A-groep bovenin en in iets mindere mate onderin de laatste groep.
Een paar dezelfde tegenstanders is niet erg, maar dan kan er ook wel opgelet worden dat de wit/zwart verdeling niet steeds dezelfde is.
Hoi geachte meedenkers, het waren mooie verhalen en prachtige ideeën over de onderlinge competitie, heel veel verschillende ideeën ! Zo te zien zijn er al plannen gemaakt voor een iets andere vorm van competitie. Er zal tijdens de vergadering ook nog wel wat over gepraat worden. Maar momenteel zit ik met mijn gedachten even ergens anders. Ik zal hier even een kopie toevoegen van een bericht, dat ik aan Marcel heb gestuurd.
Hoi Marcel, voor een afzegging van de vergadering moeten we ( dacht ik ) bij jou zijn. Is een berichtje per email voldoende ? . Wellicht kun je even antwoorden, dat het bericht is overgekomen. Anders probeer ik nog telefonisch contact te hebben. Ik vind het namelijk belangrijk om duidelijk af te zeggen, omdat ik (voor zo ver ik me herinner) de / pak weg / 40 jaar dat ik lid ben nog nooit een vergadering gemist heb. `Voor zover ik me herinner`, zeg ik voorzichtig, omdat ik niet wil uitsluiten, dat een lichte vorm van Alzheimer mij soms iets aandoet, maar ook dat kan ik me precies niet herinneren. Een algemene vergadering vind ik niet alleen leuk, maar ook belangrijk. Er is dan ook een goede reden om niet te komen. Mijn vrouw Cilia heeft net een zware operatie achter de rug. Hoewel naar het zeggen van de chirurg de operatie gelukt is, zijn er toch complicaties opgetreden. Zonder verder in détails te treden, wil ik zeggen, dat mijn vrouw thuis nog ernstig verzwakt is en ikzelf mijn aanwezigheid thuis noodzakelijk vind. Het ziet er naar uit, dat alles weer goed komt, maar ik wil wel even thuis zijn.
Groeten van Klaus